Een Nederlandse paragraaf elke dag 12/30
Er is een misverstand tussen Mark en Tijs. Mark zegt dat een zes op de grond ligt, maar Tijs zegt dat een negen op de grond ligt. Mark probeert het aan Tijs uit te leggen, maar Tijs is ongeduldig. Tijs haalt een pistool uit zijn zak en richt het naar Mark. Mark negeert Tijs en zegt dat hij teleurgesteld in Tijs is. Mark kijkt naar zijn horloge; er is te laat voor deze bespreking. Hij draagt zich om en zegt: “Deze bespreking is voorbij”. Tijs is stomverbaasd. “Ik zal schieten! Ik beloof het je!” dreigt Tijs. Mark heeft geen haast. Hij loopt langzaam naar de bushalte. Hij merkt dat Tijs te bang is. Hij had gelijk: het lukt Tijs niet.